het schip

LOGBOEK van de tocht van de Bella Ciao in 2014



Feestdagen en januari 2014

In 2013 brachten wij een bezoek aan het Haïtiaanse eilandje Ile a Vache. Wij raakten toen erg onder de indruk van deze plek, door de vriendelijke mensen, de mooie natuur, en de wijze waarop de bewoners de armoede het hoofd probeerden te bieden.
Bij ons vertrek vroeg één van hen, Nickenson St Firmin ons of wij konden helpen om jongeren van het eiland beter toegang te laten krijgen tot praktijkonderwijs. De scholen zijn duur en bovendien moeten de leerlingen ervoor naar de vaste wal en daar ergens een kosthuis zien te vinden. Voor velen is dit een onbetaalbare opgave.
Wij hebben beloofd te gaan uitzoeken wat de mogelijkheden zijn om iets te doen en dat hebben we het afgelopen jaar gedaan. We zagen verschillende opties, schreven een plan en bleven het hele jaar in contact met Nickenson. En zo keerden wij in december, na een behoorlijk wilde oversteek vanuit Aruba terug naar Ile a Vache. Dit keer niet alleen om van het eiland te genieten, maar ook om ons projectplan verder handen en voeten te geven.
Inmiddels was duidelijk geworden dat de Haïtiaanse overheid grootse plannen heeft voor de ontwikkeling van het eiland. Deze plannen behelzen onder meer de bouw van verschillende kleinschalige hotelaccomodaties, verbetering van de infrastructuur en het voorzieningenniveau voor de ontwikkeling van het eiland als centrum van kleinschalig ecotoerisme.



In het licht van deze plannen is er in de nabije toekomst dus werk aan de winkel, vooral voor goed geschoolde werkkrachten in de (wegen-)bouw, elektrotechniek, loodgieterij en allerlei andere technische beroepen, maar ook voor mensen in de toeristische dienstverlenende sfeer. Hierop willen we inspelen met onze plannen. Deze plannen richten zich erop jaarlijks enkele studenten in die beroepen waaraan de meeste behoefte bestaat naar de vaste wal te sturen om daar de desbetreffende beroepsopleiding te volgen.
Omdat wij zelf niet op het eiland aanwezig zijn om een en ander te begeleiden hebben we ons verblijf dit keer onder meer gebruikt om ter plekke de benodigde contacten te leggen en afspraken te maken om het project aan te sturen en te realiseren. Wij hebben daarvoor in de personen van Lambert Farand en Pamela Solman die met hun stichting Fondation Kaikok op het eiland al diverse onderwijs- en gezondheids-projecten realiseerden, uitermate geschikte aanknopingspunten gevonden. Met name met Lambert, die al 10 jaar deeltijd op het eiland woont en die er voor de feestdagen ook is, overleggen we regelmatig.



Intussen moet de dagelijkse uitvoering van het project door de oorspronkleijke bedenker, Nickenson, gaan geschieden. Wij hebben via vrienden voor hem een computer meegenomen, waarop wij hem en zijn twee jongere broers, Edisson en Bithovens elke ochtend een stukje verder wegwijs maken. Immers om op afstand het project te kunnen aansturen, zullen de computer en internet onmisbaar zijn. Het is allemaal niet helemaal nieuw voor Nickenson en hij is een slimme jongeman, dus de lessen werpen al gauw vruchten af.



We maken goede vorderingen en ook de overige contacten en besprekingen zijn vruchtbaar. Wij hebben dan ook goede hoop dat we het project het komende jaar van de grond gaan krijgen, zodat, als we in Nederland de benodigde financiële middelen bijeen kunnen krijgen, de eerste studenten hopelijk al het komende schooljaar kunnen starten.

Maar ons verblijf op het eiland beperkt zich niet tot alleen maar werken. We vieren er zowel kerst als de jaarwisseling. Eerste kerstdag doen we dat met een heuse hutspot-maaltijd met kerstverlichting aan boord



Tweede kerstdag worden we bij de familie van onze vriend Nickenson uitgenodigd, en al viert men op Ile a Vache kerstmis alleen op kerstavond, voor ons wordt dit toch een heel bijzondere kerstmaaltijd bestaande uit gebakken visjes, rijst, lambiesaus en gefrituurde broodvrucht en banaan. Voordat we aan tafel gaan poseert Frits bij de gedekte tafel met Edisson, moeder St Firmin en Nickenson.



Ook de jaarwisseling vieren we uitgebreid. Er zijn inmiddels verschillende andere jachten in de baai aangekomen en gezamenlijk met de andere zeilers vieren we oudejaarsavond aan boord van de Bella Ciao. Er worden zelfs oliebollen rondgedeeld.



Op 1 januari gaan we met de hele club zeilers eten aan de wal. Een van de andere jonge mannen die we nog van vorig jaar kennen, Ashley, heeft inmiddels een kleine eetgelegenheid opgericht. Bij hem hebben we, na de nodige onderhandelingen een varkentje aan het spit besteld. De hele zeilersgemeenschap laat zich het varkentje en een aantal heerlijke salades, rijst met bonen en gefrituurde aardappelen en bananen uitstekend smaken.



Als wij klaar zijn met eten staat er een hele stoet kinderen te wachten op de (royaal overgebleven) restanten, die Ashley en zijn kameraden Jasmin en Pipi ruimschoots ronddelen. Zodat we uiteindelijk naar huis gaan met het prettige gevoel dat ons etentje ook nog minstens 20 anderen een volle buik heeft opgeleverd.



Rond onze boten is er de hele dag van alles te zien. Zo varen er regelmatig vissers langs.







en vertrekken elke morgen met veel geroep en geschreeuw, rond 9 uur de taxiboten naar Les Cayes op de vaste wal.



Wij hebben die tocht vorig jaar zelf ook gemaakt en voorwaar, dat is geen pretje: de golven zijn vaak hoog en je moet er dan ook rekening mee houden dat je onderweg kletsnat wordt en dat je medepassagiers zeeziek worden. Maar dat is het ergste nog niet: eenmaal aangekomen is er geen aanlegsteiger ofzo, je moet op de rug van een drager klimmen die je afzet op.....een soort van vuilnisbelt.



Naast gemotoriseerd personenvervoer is er ook zeilend personenvervoer. Zo kun je bijvoorbeeld op maandag en donderdag, als er in de hoofdstad van het eiland, Madame Bernard, markt is heen lopen en terugkeren met de zeilboot.







We maken verschillende wandelingen, die een rijk beeld van het eilandleven opleveren.



We komen onderweg de meest pittoreske bouwsels tegen











Het is ook hier kerstvakantie, dus de kinderen zijn vrij. Ze lopen stukjes mee



br>


of komen nieuwsgierig naar ons kijken



< En als we de wandeling dan weer zonder de kinderen voortzetten zien we prachtig gevlochten kreeftenkooien



vissers die hun netten aan repareren zijn,



een vissersbootje op de wal



een weiland met koeien



de markt op een dag dat er geen markt is



Als iedereen honger heeft gekregen komen we langs de bakker, die bezig is heerlijke broodjes uit de oven te halen.



En zo gaat de tocht weer verder







Helemaal boven op de berg hebben we een schitterend uitzicht op de ankerbaai



Om de andere dag geven medezeiler Fred en Reinhilde aan de kinderen die daar zin in hebben, in het lokaaltje bij de kerk les in Engels spreken.



Reinhilde was er vorig jaar al mee begonnen en ook dit jaar genieten de kinderen ervan, net als wijzelf



en hoewel het meestal een behoorlijke chaos is, is het dolle pret. We doen: 'Hello, how are you? I am fine, thank you. What is your name? How old are you?' en meer van dat soort zinnetjes. Vooral de individuele beurten om alles goed te leren uitspreken vinden de kinderen geweldig. We sluiten meestal af met een liedje, eerst natuurlijk een kerstliedje en later vader Jacob in het Engels.
Waren het vorig jaar nog uitsluitend jongetjes die meededen, dit jaar lukt het tot onze tevredenheid om ook meisjes bij onze lesjes te betrekken. Na de les begleidt een hele kluit kinderen ons terug naar het strand waar de bijboot ligt







Weer terug aan boord komt er dan altijd wel iemand langs om iets te vragen, iets te verkopen of iets af te spreken. Saai is het hier nooit



Maar we maken dit keer ook wat meer mee van wat de mensen hier op het eiland zoal bezig houdt. Zo breekt er op een nacht een enorm geschreeuw uit. Wij vragen ons af wat er aan de hand is en de volgende ochtend blijkt dat een jonge vrouw, moeder van 3 kinderen, plotseling is overleden.
levens, een jongen van 10 die bij ons de vuilnis komt ophalen komt vertellen hoe dat allemaal zit, zijn oma heeft het hem namelijk uitgelegd. Je gaat hier niet 'toevallig' dood. We zijn hier in het land van de voodoo, dus ook dit tragisch ongeval wordt in termen van voodoo verklaard. De duivels moeten boos op haar zijn geweest en daardoor is ze neergevallen. Omdat men nog heeft geprobeerd haar te redden door haar naar het hospitaal in Les Cayes te vervoeren zijn de duivels haar spoor bijster geraakt. En die duivels zijn nu elke nacht op zoek naar haar, of naar een ander die ze toevallig tegen komen. Gevolg hiervan is dat niemand meer naar buiten gaat als het donker is, want stel je voor dat de duivels je te pakken nemen.....Hij stelt ons wel gerust met de woorden dat de duivels bang zijn voor water, dus dat wij wel veilig zijn.
Uiteindelijk wordt er voor de begrafenis gecollecteerd en wordt het stoffelijk overschot op de hier gebruikelijk wijze in een graf (goed verborgen onder de bomen) gezet.



En nu maar hopen dat de duivels het zoeken snel moe worden, dan kan de gemeenschap van Kaikok, het dorpje aan de baai waar wij liggen, weer met een gerust hart bij donker naar buiten.
In het begin van dit verhaal bespraken we onze plannen in het licht van het grote overheidsproject. Dit project is op het eiland met veel wantrouwen ontvangen. Verhalen doen de ronde dat mensen gedeporteerd gaan worden en dat er werknemers van de vaste wal 'ingevlogen' gaan worden om het werk te doen. Wat er vooral aan de hand is, is dat er tot nu toe erg weinig goede voorlichting over het project is geweest. Een en ander leidt tot 2x toe tot een grote demonstratie van de eilandbewoners



tegen het plan in het algemeen en witte mensen in het bijzonder.....
Tijdens een van de wandelingen komen we groepjes van de demo tegen. In eerste instantie lijken de mensen zich wat vijandig tegen ons op te stellen. Wij gaan ze uitleggen dat daartoe geen reden is, want dat wij ze met ons studieplan juist willen helpen om in het project aan de slag te komen. Maar we zeggen ze wel dat ze goede reden hebben om de overheid eens stevig aan de tand te voelen. Onze wegen scheiden uiteindelijk met opgestoken duimen en handenschudden....
Na bijna 3 weken op Ile a Vache wordt het tijd voor ons om verder te trekken. Afscheid nemen is altijd lastig, en nu we hier zulke fijne vrienden hebben gemaakt is het nog wat moeilijker. Als afscheidscadeau komen onze vrienden Nickenson, Edisson en Bithovens ook namens hun familie ons een paar schalen vol met versgebakken cashewnoten en amandelen en twee kokosnoten brengen.



Hierdoor vertrekken wij met een fijn gevoel over onze bezigheden van de afgelopen weken: we zijn daadwerkelijk samen bezig iets tot stand te brengen op dit bijzondere eiland!

Met dank voor het gebruik van de foto's van Loud, Marlène, Else, Jaap, Marian en Fred



Februari 2014: Naar het oosten: Puerto Rico tot Antigua


Eind januari kwamen we aan in Puerto Rico. Daar waren we vorig jaar ook al kort geweest, maar nu wilden wel wat meer van dit bijzondere land zien. Land??? Nou ja, dat is de vraag. Eigenlijk is Puerto Rico gewoon een kolonie van de Verenigde Staten, die dit eiland in 1898 veroverden,







nadat het eiland al meer dan twee eeuwen Spaans bezit was geweest. Maar Puerto Rico is nooit een staat in de Federatie van Verenigde Staten geworden (als het ware een sterretje in de Amerikaanse vlag), het eiland heeft een soort van status aparte die eruit bestaat dat het de Commonwealth van Puerto Rico binnen de Verenigde Staten is. Deze positie is te vergelijken met die van Curaçao, Aruba en Sint Maarten binnen het Koninkrijk der Nederlanden. De president van Puerto Rico is wel Obama, maar de Puertoricanen hebben niet op hem kunnen stemmen. Ze hebben hun eigen parlement met eigen verkiezingen, maar veel (federale) wetten, die ook in Puerto Rico van kracht zijn, worden in het Amerikaanse parlement gemaakt.
Puerto Rico heeft er na de Amerikaanse bezetting een halve eeuw voor moeten vechten, maar sinds 1952 kunnen ze weer trots hun eigen vlag voeren en die kom je dan ook overal tegen, zoals hier in een straatje in hoofdstad San Juan



De bevolking spreekt Spaans, en sommige Puertoricanen, vooral degenen die een tijdje in de Verenigde Staten hebben gestudeerd of gewerkt, spreken ook Engels.
Toch moet je voor dit land een Amerikaans visum hebben. Gelukkig hebben wij dat al een tijd geleden geregeld. Na aankomst in Boqueron moeten we met een taxi naar de provinciehoofdstad, Mayaguez, om officieel in te klaren. Dat biedt ons meteen de kans om die stad te verkennen. Wat hier vooral opvalt is het stadscentrum met een echte Spaanse Plaza Mayor, omringd door monumentale gebouwen







Reis je vrijwel overal in het Caribisch Gebied gemakkelijk met kleine busjes, dat is in Puerto Rico niet het geval. Veel mensen hebben een auto, soms ook een grote, maar hoe de mensen die niet in het bezit van een vierwieler zijn zich hier verplaatsen is een groot raadsel. Je hebt op sommige plekken 'publico's' een soort van collectieve taxi, maar die rijden zeer onregelmatig en op veel plekken helemaal niet. Liften is ook geen optie, dat hebben wij uitgebreid geprobeerd, maar er stopt gewoonweg niemand. Het gebrek aan openbaar vervoer is des te lastiger, omdat de meeste supermarkten zich buiten de stadcentra bevinden, meestal langs de snelweg....rara hoe kom je daar? Waarschijnlijk is het inkopen doen bij dergelijke supermarkten voor de mensen die geen auto hebben geen optie, omdat het gewoonweg te duur is. Kortom, Puerto Rico is een land met allerlei gezichten, en veel is niet wat het op het eerste gezicht lijkt....

Na een paar dagen Boqueron trekken we verder en varen (nog steeds tegen de wind in) naar de Ensenada Las Pardas, een prachtige baai vlakbij het plaatsje Guanica. We gaan hierheen omdat hier een tropisch droogwoud is. En dat klopt inderdaad, we maken een prachtige wandeling door deze droge natuur - die ons overigens sterk aan de natuur van Curaçao doet denken.







Op de top van de berg is een bezoekerscentrum ingericht, waar je een prachtig uitzicht hebt



en waar zich in het gebouwtje een paar wespenkolonies gevestigd hebben



Onderweg piept er onder een steen deze kleurige krab uit



Na deze verkenning van het tropisch droogwoud is het tijd om door te varen naar de grote, beschutte baai van Salinas. Hier ontmoeten we zeilvrienden die op weg zijn naar Ile a Vache en die we tijdens een genoeglijk samenzijn over onze ervaringen op dit eiland vertellen



Maar dit is ook een uiterst geschikte baai voor Frits om weer wat aan zijn kite-hobby te gaan doen. Dus trekken we naar een verlaten strandje aan de buitenkant van de baai en daar kan Frits weer voluit vallen



en opstaan







Tijdens een van deze expedities zijn we zo bezig met het klaar maken van de kite op het strand dat we helemaal niet in de gaten hebben dat de bijboot ervandoor gaat....zwemmen zonder zwemvliezen helpt niet meer en als Frits er achter aan probeert te gaan met de kite valt de kite in het water en springt het ventiel open - dus loopt hij leeg.....Het bijbootje verdwijnt langzaam aan naar de horizon.
Gelukkig is het strandje even niet zo verlaten meer en komt er een gezinnetje aangereden in hun auto voor een middagje aan het strand. Ik schakel ze in om mij terug te brengen naar de haven, zodat ik daar hulp kan zoeken. Deze vriendelijke mensen doen dat gelukkig. Als ik meer dan een half uur later met vrienden in hun bijboot terugkom - is er geen Frits meer. Die blijkt intussen de aandacht van een grote motorboot te hebben kunnen trekken. Die hebben hem en de kite aan boord genomen en zijn achter de bijboot aangegaan. Gelukkig vinden ze die, zodat als ik met onze vrienden de baai uitkom, Frits net met de bijboot de baai weer in komt....Pffff. Dat was toch wel even erg spannend, want zonder bijboot zijn wij volstrekt hulpeloos: wij liggen altijd voor anker en hoe kom je zonder bijboot (droog) aan de vaste wal??? Gelukkig is alles goed afgelopen en letten we sindsdien nog veel beter op dat we de bijboot goed vastleggen....

In Salinas kunnen we ook een dag een auto huren om de noordkant van het eiland, en vooral de hoofdstad San Juan te bezoeken. Interessant is om te zien hoe de vegetatie verandert: het zuiden is droog



en dan komen we in de bergen in de regen:



en dan ineens zijn we omringd door tropisch regenwoud-vegetatie.



Zo komen we in San Juan, de prachtige oude hoofdstad van Puerto Rico. De oude stad ligt strategisch op een schiereiland aan een totaal beschutte baai.







Om deze baai te beschermen is het hele schiereiland gefortificeerd.



Er zijn twee belangrijke forten: Cristobal komen we het eerste tegen











Het fort is prachtig gerestaureerd en wij hebben het dan ook van binnen







en van buiten



uitgebreid verkend. Het uitzicht vanaf deze strategische plek was ook de moeite waard



El Morro is het tweede fort, helemaal op de punt van het schiereiland, bij de ingang van de baai











Ook hier wordt de bezoeker utigebreid geinformeerd over belangrijke historische momenten in de geschiedenis van het fort



en over het dagelijks leven van de soldaten die in het verleden in het fort gelegerd waren



Wij bewonderen de oude binnenstad van San Juan tijdens de wandeling van het ene fort naar het andere



















Na al dit moois leveren we de auto in en is het tijd om weer verder te trekken. Het blijft zoeken naar een goed moment om naar het oosten te komen. Eigenlijk is dat er vrijwel nooit en komt de hele tocht erop neer dat we op de motor zoveel mogelijk onder de beschutting van de eilanden en in de vroege morgen, als het nog niet zo hard waait, bij stukjes en beetjes verder proberen te komen.
Als we op deze manier onderweg zijn naar Culebra, eindelijk een stukje waar we wat kunnen zeilen, zien we vlak voor ons ineens een windhoos....dus we weten niet hoe snel we de zeilen er weer af moeten doen, terwijl we zo hard mogelijk weg proberen te komen van de slurf. Hij gaat tot onze opluchting uiteindelijk vlak achter ons langs....Helaas ontbrak te tijd om ook nog de fotocamera te pakken.
Zo komen we via Culebra en St Thomas in de Britse Maagdeneilanden, waar vrienden hun kampement op Jost van Dyke hebben opgeslagen.



Ja....dit eilandje is vernoemd naar een Nederlandse piraat.
Met z'n vieren zeilen we een weekeind door dit prachtige beschutte vaargebied. Hehe, eindelijk weer eens zeilen.
Maar die pret is al snel weer voorbij als wij onze tocht voortzetten naar Sint Maarten. Een enorme beukpartij wordt het.
In Sint Maarten zien we de brug door de Lagune, die vorig jaar nog in aanleg was en waar we toen het bewegende deel geplaatst hebben zien worden.







De brug blijkt nu al stuk te zijn, en met de hand bediend te moeten worden, zodat hij niet de geplande 4x per dag geopend wordt, maar slechts 2x.



De volgende stop is Antigua, een eiland waar we nog niet eerder waren.
We gaan voor anker in Freemans Bay aan de buitenkant van Englishmans Bay, weer zo'n volledig beschutte baai. Dat hadden de Engelsen indertijd ook in de gaten, zodat ze hier een grote scheepswerf opzetten, bewaakt door sterke forten aan de ingang van de baai.







Hier werden de schepen van de Engelse marine gerepareerd. De oude werf, Nelsons Dockyard geheten is volledig gerestaureerd en het terrein is nu een onderdeel van een nationaal park. De gebouwen van de vroegere werf hebben nieuwe functies gekregen en langs de kade is nu een jachthaven.











Terwijl we langs de baaien van het eiland rondwandelen zien we verscheidene wedstrijdboten liggen







en dan blijkt dat op maandag de start van de RORC600 is, een wedstrijd over 600 mijl. De start vindt net buiten de baai plaats



Wij gaan met de bijboot kijken bij de start en maken een fotoreportage



















De enige Nederlandse deelnemer tussen al dit internationale racegeweld is de NIX





Maart 2014: op- en onder water

In de maand maart waren we druk in de weer op- en onder water.
Het begon met opnieuw een aantal close encounters met een dolfijn in de archipel van Les Saintes bij Guadeloupe. Deze dolfijn kwam vrijwel dagelijks in de ankerbaai een kijkje nemen om met mensen te spelen. En wij, mensen lieten ons deze uitnodiging natuurlijk welgevallen, sprongen in het water, en zwommen met de dolfijn dat het een lieve lust was. Elke keer weer is de ontmoeting met zo'n elegant wild dier indrukwekkend. We waren in staat om dit prachtige dier van heel dicht bij de benaderen en dankzij de onderwatercamera konden we hem of haar van heel nabij fotograferen. Geniet met ons mee:











































Na het zwemmen met dolfijnen ging Frits door met het oefenen op zijn kite. Reinhilde vaart mee in de bijboot om te helpen als er iets misgaat en om de kite binnen te halen als Frits klaar is. Dat biedt meteen een mooie kans om foto's te maken.























Aan het eind van de maand maart verlieten we het aangename Guadeloupe en zeilden naar het zuiden, richting Grenada. Onderweg bij Dominica hadden we een ontmoeting met een kleine potvis, op tegenkoers op 10 meter van de boot.





















April 2014: op weg naar het zuiden en een bijzonder festival

Na onze prachtige ervaringen in de omgeving van Guadeloupe gaan we verder op weg naar het zuiden, de Tobago Cays, Carriacou en Grenada. Soms is die tocht nog best wel winderig, zoals hier



met dubbelrif onderweg naar Grenada. Maar we maken ook mildere omstandigheden mee, zoals op de Tobago Cays, waar de ultieme kitesurf plaatjes gemaakt kunnen worden















Tussendoor repareert Frits de 'maindrop', het opvangdoek voor het grootzeil, dat na 4 jaar intensief gebruik en vaak felle zon slijtageplekken begon te vertonen.



We krijgen een hongerige bezoeker op de broodplank, die helemaal niet bang voor ons is



en dan weer landt er een minuscuul vliegend visje verkeerd, zodat wij hem gedroogd aan dek vinden



Pasen is hier vliegertijd, en overal langs de kant van de weg kun je vrolijk gekleurde vliegertjes van plastic op een bamboeframe kopen. Wij doen dat ook en laten hem met de Paasdagen vliegen. Op advies van een vrouw die dit duidelijk vaker doet maken we er van een groot doek een enorme staart aan, want zonder dat is hij in onbalans en valt in zee.



Maar het meest bijzondere dat we deze maand meemaken is het Carriacou Maroon Drum- and Stringband Festival.



Het is een festival dat het Afrikaanse erfgoed in ere wil houden.
Maroons waren in de slaventijd de slaven die erin slaagden om zich te bevrijden uit de slavernij door weg te lopen en zich in de wildernis te verbergen, waar ze hun eigen gemeenschappen opzetten en vandaaruit vaak ook verzet op de plantages steunden. Sommige van deze gemeenschappen wisten lang te overleven en zij bewaarden Afrikaanse tradities en het erfgoed zoals sommigen dit nog zelf hadden meegemaakt voor ze gevangen werden genomen en ontvoerd werden naar de andere kant de de Atlantische Oceaan. De nazaten van deze mensen worden wel 'Maroons' of 'Marrons' genoemd; in Suriname zijn ze ook bekend als 'Bosnegers'. Maroon verwijst dus naar het Afrikaans erfgoed in het Caribisch Gebied. En hoewel er in Carriacou waarschijnlijk nauwelijks Maroons zijn geweest, omdat het eiland te klein is om je langdurig te verstoppen heeft natuurlijk ook hier de bevolking sterke Afrikaanse roots, die onder meer terug te vinden zijn in de muziek, de dans, de keuken en verschillende rituelen. En daarom draaide het Festival.
Het begon op vrijdagochtend om 6 uur met een ritueel slachten van kippen, ten behoeve van de traditionele maaltijd van 'smoked food'. De kippen werden na het slachten met rum overgoten en ook de aanwezigen werden geacht de fles rum aan de mond te zetten, om op deze wijze de voorouders te eren.







Daarna kon de bereiding van het smoked food beginnen.



Aan het eind van de middag was het eten klaar en konden alle aanwezigen zich tegoed doen aan een traditionele maaltijd van gerookt vlees, mais- en rijstballen en bonensaus.



Toen het eenmaal donker was werd er een fakkeloptocht gehouden



die dansers, muzikanten en bezoekers bracht naar de plek waar op traditionele trommelritmes gedanst werd.











Hiermee werd de eerste avond afgesloten.
Zowel het ochtendritueel als het avondprogramma werden gehouden op een heuvel 'Belair',



een voormalige plantage, waarvan de gebouwen echter geheel in verval waren geraakt.







De volgende dag was er overdag life muziek in Hillsborough, de hoofdplaats van Carriacou en 's avonds werd er een cultureel programma met dans en muziek gehouden op de berg van Belair.



Op zondagmiddag begon het laatste programmaonderdeel op de prachtige lokatie van Paradise Beach, met opnieuw dans- en muziekgroepen, traditoneel, maar ook eigentijds, maar allemaal verwezen ze, zij het met de socaritmes, de drums of door politieke teksten van raggaeballads en de dansen naar de Afrikaanse roots van de artiesten en een groot deel van de bezoekers.

















Mei 2014: ditjes en datjes

Wij komen weer in bekende wateren: de Tobago Cays.



Een fijne plek om het anker te laten vallen



en ons te vermaken















Wij komen hier onze zeilmaatjes Deep en Mallika weer tegen die door Nigel, een houtsnijd-kunstenaar van Carriacou voor ons een prachtige houtsnede van onze boot hebben laten maken



Mallika is zo vriendelijk mij deskundig van een kies te verlossen die al een tijd op de nominatie staat om getrokken te worden



Ik kan weer lachen en ons treffen 's avonds pijnvrij vieren met geflambeerde banenen



Na een paar heerlijke dagen in deze altijd weer paradijselijke omgeving zeilen we verder



en laten ons anker vallen in onze geliefde ankerbaai voor Grenada's hoofdstad Saint Georges.



In Grenada hopen we in juni per vrachtschip onderdelen te ontvangen voor onze nieuwe schroefasconfiguratie, de saildrives, die we in Nederland hebben besteld. In afwachting daarvan doen we allerlei klussen en klusjes, en doen we op de zaterdagmiddagen weer mee aan de hashes. Altijd een gezellig gebeuren. Tussen 3 en 4 uur 's middags is verzamelen van de deelnemers (tussen de 80 en de 200) op een wekelijks wisselende, altijd prachtige lokatie ergens op het eiland.











Als iedereen er is dan legt de hashmaster uit hoe we lopen (er is meestal een traject voor hardlopers en eentje voor gewone lopers uitgezet),



de nieuwlingen krijgen een uitleg van de regels



en de nieuwe schoenen



worden ingewijd door er een ferme slok bier uit te nemen







En na al deze rituelen is het dan eindelijk tijd om op pad te gaan. De groep verdeelt zich al snel als we in ganzenpas het smalle pad volgen dat de 'hazen' hebben uitgezet en gemarkeerd met hoopjes papiersnippers



Meestal loop je in kleinere groepjes bij elkaar, en zo kom je dan vaak onderweg met leuke mensen in contact, met wie je al lopend een praatje maakt



Na een tijdje loop je soms alleen



en heb je alle gelegenheid om te genieten van de prachtige natuur en de vaak heerlijke uitzichten onderweg.







Soms passeer je een boerderij, of zoals hier een varkensstal



En na 1 of 2 uur lopen kom je weer terug bij het uitgangspunt. Daar is het goed bijkomen



En als iedereen weer terug is worden de nieuwelingen gedoopt, in een sproeifestijn van bier....



Want 'hashen' is een activiteit voor 'runners with a drinking problem'...

Juni 2014: Spullen verzamelen en andere zaken

Wij zijn in Grenada ter voorbereiding op de onderhoudsbeurt van de Bella Ciao die in juli zal gaan plaatsvinden op de wal. Allereerst wachten we op de aankomst van onze nieuwe saildrives die per vrachtschip naar ons onderweg zijn. En ja hoor, een weekje later dan verwacht komen ze aan met een vrachtschip van Tropical



Het is nog een hele toer om het pallet vol met spullen aan boord te krijgen, maar na een ochtend papieren invullen in de commerciele haven en daarna de hele vracht in en dan weer uit de bijboot aan boord sjouwen is alles aanwezig







om als we 14 juli op de kant gaan de oude, telkens weer rammelende schroefassen te vervangen door deze prachtige nieuwe saildrives. Dat wordt een groot karwei, omdat de bestaande motorfundaties eruit gesloopt moeten worden en nieuwe fundaties moeten worden ingebouwd. Gelukkig zijn die al geheel op maat meegeleverd met de drives.
Als we op de wal gaan zal het ook weer hoogste tijd zijn om nieuwe antifouling op het onderwaterschip aan te brengen. Om die te kopen (en om goedkope diesel te tanken) gaan we naar Trinidad, een tochtje van ongeveer 80 zeemijl. Onderweg vallen we in de prijzen als we terecht komen in een gigantische school dolfijnen. Het lijken er wel honderden die springend en buitelend achter ons aan komen om in groepjes een tijdje bij onze boegen te spelen en dan weer verder te trekken waarna een volgende groep naar ons toe komt. We lijken wel terechtgekomen in een schoonspring wedstijd: we zien hele en dubbele schroeven, salto's....het kan niet op. Het is niet gemakkelijk om zulke dynamische dieren als dolfijnen in volle actie op volle zee op de foto te krijgen. Ik prijs me dan ook gelukkig als het toch twee keer redelijk lukt:







In Trinidad zijn we drie dagen druk met inkopen doen en daarna keren we met antifouling en volle dieseltanks terug naar Grenada.



De zonnepanelen die we in Nederland hadden gemonteerd hebben het eigenlijk nooit echt naar behoren gedaan, we hadden altijd het idee dat ze te weinig stroom leverden. Toen de contactpunten ook nog eens gingen breken en er zich allerlei andere gebreken begonnen te manifesteren, en de accu's gewoon niet meer vol werden, besloten we twee grote, nieuwe zonnepanelen aan te schaffen. Dat bleek een gouden greep: we monteerden ze op het afdak boven de kuip



en vanaf dat moment zien we voor ons ongekende laadwaarden



en de accu's zijn continu vol: heerlijk, want we hoeven nu nooit meer op de stroom te letten, kunnen 's avonds een filmpje draaien als we zin hebben, de computer aan zetten en ook nog de koelkast op de hoogste stand doen!
Weer terug in Grenada hebben we nog twee weken voor we op de wal gaan. Het doen van inkopen gaat door, zoals bijvoorbeeld nieuwe afsluiters die de lekkende afsluiters bij de toiletten moeten vervangen



Maar we doen ook allerlei andere dingen, zoals optrekken en samen klussen met onze vrienden van de catamaran Yemaya



en met onze buren, ervaren kiters, die met hun klassieke Deense kotter Silverland



vanuit Nederland hierheen zijn komen zeilen. Als hun benzine van de bijboot op is krijgen Marije en Mathies van ons een sleepje terug



Mathies, de zes jaar oude visser-in-wording, die dagelijks druk in de weer is met zijn hengel en haakjes, en die intussen veel van vissen afweet, maakt voor ons een paar prachtige vissen, die we in de kajuit ophangen....hoewel het geen vliegende vissen zijn, vliegen ze toch!






Juli 2014: werken in de zomp

En zo gingen we dan op 14 juli op de kant in Grenada Marine om enkele reparaties en verbeteringen aan de boot te doen.







De Bella Ciao wordt helemaal afgespoten



En er is werk aan de winkel





Niet alleen de Bella Ciao gaat het water uit, maar tegelijkertijd ook de Yemaya van onze vrienden Deep en Mallika, die een vast kunststof dak willen gaan maken boven hun kuip



Onze belangrijkste activiteiten, van een hele lijst, zijn het vervangen van de schroefassen





door de saildrives die we vorige maand hebben gekregen, en het aanbrengen van een dikke laag antifouling, tegen de aangroei op het onderschip (zie boven).
Voor de inbouw van de nieuwe saildrives moeten de motoren eruit, waarvoor Frits een speciale hijsinstallatie aan de giek heeft ontworpen





Vervolgens wordt de oude motorfundatie gesloopt


een enorm stoffig karwei in de kleine, hete machinekamers.
Intussen worden de motoren onder de boot opgeslagen


De oude motorsteunen kunnen nu ontroest worden en geverfd:





De omstandigheden hier werken niet bepaald mee: het is regentijd en dat betekent dat het soms een paar uur achtereen plenst. Dat is op zichzelf helemaal niet erg, zelfs lekker verkoelend. Maar wel vervelend is dat het hele terrein dan in een soort moeras verandert, vooral ook onze werkplekken onder de boten.





Vooral voor Deep, die zijn dak onder de boot moet construeren,


is dit geen lolletje.


Allereerst bouwt hij een irrigatiesysteem met lenspompen en slangen,














om het water naar....de (afwezige) buren af te voeren.


En zo ontstaat er een bouw'moeras'


Door nauwkeurige studie van de weerberichten, buienradars en andere informatiebronnen bepalen we welke dag droog genoeg lijkt te worden om het dak van Deep te gaan 'glassen' (het constructieschuim met glas en epoxy bekleden).
Het werken op deze manier is geen lolletje, maar we kunnen alle problemen oplossen. Dagelijks rond 16.30 zien we ons evenwel voor een andere plaag gesteld: miljoenen muggen die uit het moeras opstijgen en die de avonden tot een ware hel maken. Elk gaatje en openingetje in de horren weten ze te vinden om ons aan te vallen, en dat doen ze dan met een onnoemelijke agressie.
Dat is allemaal al niet leuk, maar we bereiken een dieptepunt als op de ochtend dat we een grote glassessie hebben gepland, blijkt dat Deep dengue of het zusje daarvan, chikungunya heeftopgelopen: een hele nacht zware koorts en zodra hij overeind komt misselijk, slap en met pijn in alle gewrichten. Hij verzucht: "Ïk weet niet hoe ik deze dag door moet komen". Maar het weer en de tijd laten ons geen keus: de glasklus moet plaatsvinden, dus met zijn allerlaatste beetje energie en de moed der wanhoop gaat Deep met Frits en Reinhilde in de zomp aan de slag.


Het lukt gelukkig en na drie dagen is Deep ook weer zover dat hij met behulp van Frits echt door kan met zijn dak:





In de tussentijd werkt Frits hard aan de reconstructie van de machinekamer


en maakt hij tussen de buien door de nieuwe motorfundaties klaar voor plaatsing








De saildrives en de schroeven staan al klaar





Intussen worden er regelmatig (als het donker is binnen vanwege de muggen) werklijstjes gecheckt


terwijl we tussen de middag schaften met de fles muggenspray onder handbereik


Gelukkig hebben we ook nog een zwaarder wapen in onze strijd met de muggen


En hoewel je dan de hele tijd tussen de happen eten door bezig met met muggenjacht, is het resultaat aan het eind van de avond toch wel bevredigend


Na 2 weken ploeteren in hitte en regen, komt voor Frits dan het leukere werk: de motoren kunnen er weer in,


de saildrives kunnen geplaatst worden en een en ander kan aangesloten worden


Intussen krijgt het dak van Deep ook vorm





De antifoulingklus aan de Bella Ciao vordert ook gestaag en dan ontstaat een mooi beeld van de nieuwe saildrives bij de nieuwe antifouling


en last but not least: dan kunnen de nieuwe schroeven erop





Inmiddels zijn ook de rompen weer opgepoetst en staat de Bella Ciao weer te glimmen


Deep is nog bezig met het klaarmaken van zijn dak als er een volgende schrik komt: er lijkt een tropische storm onze kant op te komen....


Maar zoals vaker buigt ook Bertha bijtijds naar het noorden af, zodat wij daar in Grenada niets van merken.
Nu kan het werk worden afgerond, de ontroeste en geverfde buitentafel in elkaar worden gezet


en dan...op naar zee, weg van de muggen en de zomp:





Rest nog het dak van Deep - en ook dat krijgen we er uiteraard op tijd op





Hij moet het nog verder schuren en verven, maar de structuur staat als ....en dak!

En zo kan ik dan op het paadje naast de werf op mangojacht gaan, want het is niet alleen regenseizoen, maar ook mangoseizoen in Grenada


Pfffff....het was al met al veel stress en geen lolletje, maar de klus is geklaard. We zijn weer te water en maken ons op voor de prachtige tocht langs de Venezolaanse eilanden la Blanquilla, Los Roques en las Aves naar Bonaire.


Augustus 2014: de blue cruise

Met dank aan Ingrid en Ben voor het beschikbaar stellen van hun foto's.
Om de zomp ellende zo snel mogelijk achter ons te laten vertrokken we 8 augustus voor de voor ons inmiddels derde 'blue cruise', de tocht langs de meest noordelijke Venezolaanse eilanden la Blanquilla, Los Roques en de Islas las Aves de Barlovento en de Sotavento op weg naar Bonaire.
Als extra veiligheidsmaatregel en voor de gezelligheid gaan we samen met een tweetal andere Nederlandse zeiljachten: de Blabber, die vorig jaar ook al van de partij was, en de Sylfer uit Edam.
Na voor twee weken inkopen te hebben gedaan steken we in Grenada van wal en naar verwachting zal de hele tocht voor de wind gaan.
Het eerste deel, van Grenada naar La Blanquilla is een tocht van 170 zeemijl. Omdat er erg weinig wind staat gaan we niet hard en zijn we zo'n 28 uur onderweg.
De tocht verloopt rustig, en daardoor hebben we alle gelegenheid om te vissen. En....voor he eerst sinds 2 1/2 jaar hebben we beet, en niet kinderachtig ook, want we vangen twee barracuda's van formaat



Het is bijna volle maan deze nachten, en daardoor is het 's nachts nauwelijks donker te noemen



Zachtjes zeilend door de tropennacht lijkt het wel of we door een sprookjeswereld varen.
De aankomst op La Blanquilla is altijd weer prachtig, als na ruim een etmaal zeilen een hagelwit strand met 2 palmbomen voor ons opdoemt:



Aangezien onze reisgenoten onderweg elk ook een forse barracuda hebben verschalkt, is het tijd om de barbecue's tevoorschijn te halen om de vissen te gaan oppeuzelen op het strand:











De avondstemming bij zonsondergang vervolmaakt ons verblijf in dit aardse paradijsje,



en als de zon eenmaal onder is zetten we de avond onder de palmen nog even voort bij het licht van de volle maan



De volgende dag is het tijd voor een verkenningstocht over het eiland



naar Americano Bay



Bij terugkomst is het tijd om de voorbereidingen voor de voorgenomen kite-activiteiten in Los Roques te doen met het uitleggen en controleren van de kite van Ben en Ingrid



Eerder zijn ook al de jongens van de Guarda Costa, de Venezolaanse kustwacht langs geweest. Zij willen enkele gegevens van ons en onze boten hebben, maar omdat we zelf net aan de wal zijn, geven deze uiterst vriendelijke en correcte knullen ons een 'lift' naar onze boten, waarvoor ze vervolgens na gedane arbeid 'beloond' worden met een flesje rum en een pakje sigaretten. Ze zijn er zeer blij mee.



En dan is het moment aangebroken om onze tocht weer rustig voort te zetten



naar Los Roques, een enorme archipel van riffen en zandbanken.



Deze eilandengroep is bewoond, op een van de eilanden is een dorpje, dat vooral een luxe vakantieoord is voor rijke Venezolanen en enkele Europese toeristen. Het hele gebied is een National Park. En verder zijn er verspreid over het gebied nog enkele vissernederzettingen.
Wij komen aan in het zuiden, bij een rif dat 'Sebastopol' heet. Hier zijn een paar prachtige zandbanken die zich uitstekend lenen om de kites te lanceren.



Het waait niet erg hard, zodat het kite-plezier maar van korte duur is, waarna we de tocht binnen het rif voortzetten naar Francisqui



Van hieruit gaan er watertaxi's naar El Gran Roque, het pittoreske hoofddorp van de archipel.











In het cafeetje waar wij ons na de wandeling neervleien, worden we eraan herinnerd dat veiligheid in Venezuela niet vanzelfsprekend is, maar dat men er intussen wel werk maakt van de strijd tegen racisme



Na een gezellige ochtend in het dorp brengt de watertaxi ons weer veilig terug naar de boten



Zo trekken we van plaats naar plaats en doorkruisen we de hele archipel: we kiten bij Crasqui



we wandelen over hagelwitte stranden



en we zeilen langs de meest iriserende schakeringen blauw







Ook de onderwaterwereld is hier uitbundig en adembenemend















Voor de afwisseling maken we dan weer een wandeling over Elbertqui,















waar zich ook nog een klein vissersdorp bevindt, met de bij visserdorpen behorende religieuze uitingen











En telkens weer worden we eraan herinnerd dat we deze tocht niet voor niets de 'blue cruise' noemen







Maar dan zien we plotseling in de lucht een windhoosje ontstaan: een duidelijk signaal dat je je oplettendheid nooit mag verliezen ook al verdwijnt het fenomeen dit keer net zo snel als het ontstaan is



En zo wordt het tijd om ons naar de volgende eilandengroep te begeven: de Islas de Aves de Barlovento



Aves is het Spaanse woord voor vogels en dat de eilandengroep haar naam eer aan doet bewijst onze tocht door het mangrovebos



waar duizenden Jan van Genten ('Red footed Boobies') hun thuis hebben































Deze vogels hebben hier geen ervaring met bedreigingen, en bovendien zijn ze ongelooflijk nieuwsgierig dus kun je ze heel dicht naderen, wat wij dan ook gretig doen. Heel anders is dat met de flamingo die we hier ook aantreffen op een standje,



deze is weg zodra wij ook maar in de buurt komen.




Maar niet alleen de vogelwereld is hier prachtig, opnieuw komen we ook onder water de mooiste vissen en koralen tegen



































De volgende stop is Aves de Sotavento, waar we op zoek willen gaan naar een galjoen dat daar buiten het rif schijnt te liggen. De plannen bespreken we de avond van te voren in het net van de Bella Ciao







Eerst varen we met de Bella Ciao een stuk richting het rif waar zich dit galjoen zou moeten bevinden. Dan gaan we met de bijboten verder tot aan de rifrand, en daar zoeken we snrokelend een doorgang naar buiten



Het lukt om door de branding over het rif te komen



maar eenmaal buiten kunnen we het galjoen helaas niet vinden. Dus dan bezoeken we maar het wrak van een jacht dat op het rif is gestrand



en snorkelen daarna terug naar de basis op de Bella Ciao



Onderweg komen we nog een barracuda van formaat tegen...



en aan het eind van de dag bespreken we onze avonturen nog eens rustig met de hele groep onder het genot van een hapje en een drankje....





Nederland 2014

Natuurlijk was het belangrijkste tijdens ons verblijf in Nederland de ontmoeting met Frits zijn kleinzoon Alain



Inmiddels is hij al geen baby meer, maar wordt hij een echte peuter



Om lekker rond te kunnen rijden kregen wij van vriend Henk de beschikking over zijn MG, en omdat het mooi weer was tijdens ons verblijf konden we zelfs tochtjes maken met open dak, zoals bijvoorbeeld hier langs de IJssel bij Olst















Het bleef mooi weer, en zo was het tochtje met de museumboot Emma, van het Groninger Scheepvaartmuseum op de Dag van de Groninger Geschiedenis en waar feestje.









November 2014 (XXL)

Het verslag van de maand november 2014 begint dit keer al in oktober, bij onze terugkeer aan boord in Curaçao. We hadden meteen een gast in de persoon van Frits zijn nichtje Florien, die met haar band een tournee op het eiland maakte, maar geen onderdak had. Dat was gezellig en natuurlijk gingen we naar een optreden van de band bij Kokomo Beach



Omgekeerd ging Florien mee met een van de hikes die wij regelmatig op het eiland maken, dit keer bij de ruines van een indigo-plantage op Santa Cruz







met aan het eind een verfrissende snorkelexpeditie naar de Fluitgrot, waar het door het blauwe water gefilterde zonlicht zowel onder- en boven water voor een sprookjesachtige atmosfeer zorgt.







Eind oktober werd Frits 65, hetgeen we gevierd hebben met een heerlijke appeltaart



...en nu is het wachten op de eerste AOW in december.



In de stad op het grote podium op het Brionplein vond ter verhoging van de feestvreugde een huldebetoon plaats aan de grote Curaçaose muzikant Macario Prudencia (Makaai), en wij waren er natuurlijk bij



Intussen begon er een ronde van groot onderhoud aan de boot, waarbij het belangrijkste karwei het schilderen van het kajuitdak



en het voordek was.



Voor dit doel hadden we een kist met verf uit Nederland opgestuurd



In afwachting van de aankomst en inklaring van die kist ging Frits al aan de gang met het schuren en het aanbrengen van een eerste laag met de verf die we nog hadden.







Toen de kist met verf eenmaal aan boord was, kon het echte werk beginnen - dachten we. Maar helaas, waar iedereen op het eiland hier blij mee is was voor het verfwerk een kleine ramp: de regentijd was aangebroken



en gooide fors roet in het eten... Daarom kochten we een dekkleed waar we stevige lussen aannaaiden (de regenbuien gingen vaak met harde windstoten gepaard



en dat hingen we over de kajuit



en schermden we weer af met windvangende doeken... Zo kon het werk weer doorgaan....







Dus na alles weer piekfijn geschuurd te hebben begon Frits welgemoed aan laag 2











Tot de volgende regenbui zich aankondigde, precies op het moment dat hij de laatste hand legde aan het kajuitdak



Gelukkig beschermde het dekkleed het grootste deel van de kajuit, maar de randen werden toch weer fors door de regen aangetast....
Omdat wel duidelijk was dat de weerberichten te onbetrouwbaar waren en er te vaak een - soms heel kleine, maar daarom voor het prachtige verfwerk niet minder schadelijke - regenbui de boel kwam bederven, besloten we dan maar andere dingen te gaan doen, zoals de ankerlier repareren



En we hoefden ons verder ook bepaald niet te vervelen, want er was een interessant internationaal congres over Caribische literatuur



en vervolgens vierde onze vriend Timo zijn verjaardag met ons bij ons aan boord



Er werd een lezing gehouden door Eugene Boeldak,



die ik nog uit mijn studietijd in Groningen kende, over de stamvader van de Curaçaose autonomie, Dr. Moses Frumencio da Costa Gomez, 'Doktoor'. Deze bijeenkomst werd bijgewoond door een aantal belangrijke politici, onder wie de eerste vrouwelijke premier van Curaçao, Maria Liberia Peters, die furore maakte in de jaren negentig (hier in het geel)



Ik mocht deze charismatische staatsvrouw samen met mijn vriendin de actrice Sheila Payne na afloop op de gevoelige plaat vereeuwigen



En natuurlijk werd mijn verjaardag ook weer op passende wijze gevierd



















Wij sloten de maand vervolgens af met het 'Muestra Caribe' muziekfilmfestival, bij Teatro Luna Blou.



Met onze passepartout hadden we 5 avonden lang toegang tot een fantastische keur aan muziekfilms,



waarbij elke avond een ander Caribisch land centraal stond. Elke avond werd vervolgens afgesloten met lifemuziek, waarbij de muzikanten vaak een korte uitleg van 'hun' muzieksoort gaven (zoals steelpans van Trinidad, salsa- en aanverwante ritmes uit Cuba, Colombia, calypso uit Trinidad, en reggae uit Jamaica) waarna er gedanst kon worden (en werd)





In de tussentijd ben ik druk bezig met het verder uitwerken van en zoeken van financiele middelen voor ons project in Ile a Vache. Zie verder http://ileavache.blogspot.com/

December 2014
De eerste weken van de maand december zijn we nog druk bezig met het weer in orde maken van de boot afgewisseld met gezelligheid met Curaçaose vrienden en vriendinnen







wandelingen zoals deze bij Dokterstuin en landhuis Ascencion



























en het bijwonen van de doop van het boek van collegahistorica Linda Rupert over de geschiedenis van Curaçao "Creolization and Contraband, Curaçao in the early modern Atlantic world" (een aanrader voor iedereen die meer wil weten over de rijke geschiedenis van het eiland, haar bevolking en haar taal)



Onze Sailrite naaimachine bewijst goede diensten als een van onze zeilvriendinnen een overtrek voor de bijboot wil maken - de Bella Ciao verandert voor enkele dagen in een heus naaiatelier







En dan wordt het tijd om afscheid te nemen van dushi Korsou en al onze geliefde vrienden en vriendinnen en weer op weg te gaan.
Tijdens de oversteek naar Aruba vangen we een vis







een heuse dorade (mahi mahi, goudmakreel, dradu, dolphin fish) van maar liefst



Bij aankomst hebben we tegen het decor van de zonsondergang een heerlijk voorgerecht (dorade ceviche)



en diner aan boord (dorade moten met gebakken aardappeltjes en sla). Zo....en dan gaan we echt onderweg....nieuwe kusten verkennen, om te beginnen de rotseilandjes voor de kust van Venezuela, Los Monjes (de monniken) genaamd:







Het zijn wel hele kale monniken trouwens.
We hebben begrepen dat we hier aan een touw kunnen vastmaken, en inderdaad blijkt dat mogelijk. Wij zijn met een klein konvooi, bestaande uit de Sylfer en de Rafiki, die even na ons aankomen en vastmaken aan hetzelfde touw.



Dit is een militair steunpunt van Venezuela, dus we hebben nog niet vastgeknoopt (een hele operatie) of er staan op de wal al allerlei figuren in militaire kledij naar ons te roepen en te wuiven: of we ze wel even komen ophalen voor een inspectie - ze hebben zelf niet echt een geschikte boot en te oordelen naar de wijze waarop ze aan boord van onze bijboot komen, zijn het ook niet bepaald zeelui.
Nu hebben wij niet al te beste ervaringen met de venezolanen militairen en politie, dus is het toch wel spannend om deze knullen aan boord te halen. Ze komen en vullen eerst een enorm formulier in en dan komt de aap uit de mouw: ze gaan de hele boot doorzoeken en blijken vooral op zoek naar....alcoholische dranken. Als ze onze fles whiskey grijpen zeg ik dat die van onszelf is (en Frits kijkt daar heel passend streng bij), maar dat ik voor hen nog wel wat anders heb - en geef ze bij hun vertrek een flesje rum uit Grenada mee.



Vervolgens willen de jongens de rest van ons konvooi visiteren. Ook daar scoren ze drank, een paar usb-sticks en een voetbal. Die voetbal komt goed van pas: hun dienst bestaat uit een verblijf van 42 dagen op deze totaal onherbergzame rots, waar precies één vlak stukje is uitgehouwen: het voetbalveldje. Als een van ons foto's maakt van de boten aan het touw, dan raakt de militair in het gezelschap helemaal van de kook: we moeten die foto's ONMIDDELLIJK deleten, en hij gaat vervolgens op zoek naar andere fotoapparaten, omdat hij (overigens terecht) denkt dat wij nog meer foto's hebben gemaakt. Maar die bevinden zich veilig bij ons aan boord zodat we toch nog een paar foto's over hebben van deze bizarre plek



Verder verloopt de nacht naar ons idee rustig, al waait het tussen die rotsen door wel stevig.
Pas een dag later zal de bemanning van de Rafiki erachter komen dat ze een verstekeling, in de vorm van een rat aan boord hebben gekregen, waarschijnlijk via het touw. Deze doet zich tegoed aan enkele paprika's en elektronikakabels. Ze zullen nog een paar dagen werk hebben om deze ongewenste gast te vangen...
Maar uiteindelijk legt dit forse exemplaar na inname van een portie rattengif, toch het loodje,



nadat hij nog geprobeerd heeft het tweede flesje van deze lekkernij ook nog aan te breken....




De volgende ochtend vroeg vertrekken wij naar de vaste wal (Tierra Firme) van het Latijns-Amerikaanse continent. Het eerste wat we zien is de Cabo Gallinas, de kippenkaap







Deze kust staat bekend als lastig, vanwege de wind en de hoge golven. Maar wij hebben een rustige tocht rond de kaap naar Bahia Honda, waar we in de middag het anker laten vallen.



De volgende ochtend zien we op het uitgestrekte strand een brommer rijden en later komt er een vissersbootje aangezeild



De vissers blijken steurgarnalen te hebben gevangen, die de Rafiki koopt, om er, als aanvulling op de door hen zelf gevangen tonijn, een heerlijke vismaaltijd voor ons allemaal mee te bereiden.



We vertrekken weer, om nu de Cabo de Vela (zeilkaap) de ronden. Deze kaap dankt zijn naam aan de vele wind die hier meestal staat. Maar aangezien onze hele tocht voor de wind is, maken we ons daarover geen zorgen. Terecht, want de passage van de kaap verloopt prima.



Wij gaan daarna voor anker bij het strand/dorpje Cabo de Vela, een nederzetting van de Wayu, een inheems volk (hier zegt men indígenas) en een paar kitescholen. De volgende morgen maken we een wandeling door het dorp



























naar de kaap. Onderweg beklimt Frits een heuvel, hetgeen zo vlak voor kerstmis een bijzonder plaatje oplevert...



en dan lopen we door naar het uiterste puntje







Het waait hier elke dag overdag heel hard, vanwege de opwarmende hete lucht boven dit superdroge woestijnlandschap. Slechts in de ochtend en aan het eind van de middag valt er te kitesurfen voor Frits met zijn kleine 9 meter kite.
We vieren op deze bijzondere plek, samen met de andere boten van ons konvooi kerstmis, en ook de dorpsbevolking laat het kerstfeest niet ongemerkt passeren.



Van hieruit is het 120 zeemijl naar de volgende pleisterplaats, de vijf baaien vlak voor Santa Martha. We zeilen in een middag en een nacht met forse wind naar de Gayraca baai, en zien de imposante toppen van de Colombiaanse Sierra Nevada, een uitloper van het Andes gebergte, voor ons oprijzen







Onder invloed van deze hoge bergen heb je hier te maken met enorme valwinden. In de Gayraca baai is het daardoor zo nu en dan een wilde toestand.











Aan de wal zien we voor het eerst sinds tijden weer veel weelderig groen. En we maken een mooie wandeling naar de naast gelegen Cintobaai











Maar we liggen hier soms wel heel erg te draaien en te trekken aan ons anker, bovendien is hier geen telefoonverbinding, laat staan internet. Daarom besluiten we door te varen naar de volgende pleisterplaats: de Tagangabaai, blakbij Santa Martha, de oudste stad die de Europeanen op het vaste land van Latijns Amerika hebben gesticht. Het is een tochtje van 15 zeemijl, maar het gaat onderweg behoorlijk tekeer, en hoe dat eruit ziet heeft de bemanning van de Rafiki voor ons vastgelegd:























En zo laten we dan, nog net in 2014, ons anker vallen in de gezellige Tagangabaai.











We ontdekken de kleur, de geur, de muziek en bovenal de ongekende vriendelijkheid van Colombia en zijn bevolking. En we gaan met het busje naar Santa Martha. Een zeer levendige stad, waar we heerlijk ronddwalen. We genieten van de stadse kleuren, de bedrijvigheid, de overvloed aan heerlijk fruit, en de vrolijke muziek.





































Onze eerste ervaringen met en indrukken van Colombia zijn geweldig. We verheugen ons erop dit land verder te gaan verkennen.

Wij wensen iedereen een vrolijk, kleurrijk en vriendelijk 2015.


Met dank aan Sheila, Loud en Marlene voor het gebruik van hun foto's .

[jan 2017]

[feb 2017]

[mrt 2017]

[apr 2017]

[mei 2017]

[juni 2017]

[juli 2017]

[nov 2017]

[dec 2017]

[2016]

[2015]

[2014]

[2013]

[2012]

[2010/11]

120 m² zeiloppervlak
120 m² lichtweerzeil
In blauw zijn de 4 gastenhutten (1x tweepersoons en 2x eenpersoons) gemarkeerd
Overal aan boord genieten