het schip


Bula/Hallo Fiji





Pas!
Vorige maand hebben we uitgebreid verslag gedaan van onze aanvaring met de walvis en de reparatie. Deze maand beginnen met de afronding van het geheel: het zwaard dat weer in de zwaardkast wordt teruggehesen. Hoewel Frits natuurlijk alles nauwkeurig gemeten en berekend heeft is het moment dat je het ruim 4 meter hoge ding dan ophijst en weer in de zwaardkast terugplaatst natuurlijk toch wel even spannend. Zoals de foto goed laat zien: hij past als een bus. Kortom, Bella Ciao is weer klaar voor nieuwe avonturen.

We liggen in een baai in Tonga met nog een paar andere schepen en één daarvan, de Canadese catamaran Muskoka nodigt iedereen uit om op een beetje druilerige zondagmiddag naar een onderwatergrot te varen en daarin een kijkje te nemen. Dat klinkt interessant, dus wij zijn van de partij - samen met nog wel zo'n 20 anderen



Je kunt hier niet ankeren, en bovendien is het behoorlijk wild bij de grot, dus het plan is om heen en weer te blijven varen, terwijl degenen die de grot in willen overboord springen, met een hoekduik de grot inzwemmen en dan later weer aan boord genomen worden. De kapitein en Frits zullen elkaar achter het stuurwiel afwisselen.







In deze grot zitten niet van die grote scholen vis, zoals in de grot waar we in ons vorige verslag waren, maar het feit dat deze grot alleen door middel van een duik toegankelijk is maakt het wel een speciale ervaring. Nadat iedereen weer aan boord is gekomen varen we nog langs een andere grot, onder een berg waar heel veel enorm grote vleermuizen huizen. Ze noemen die hier foxbats



Alles met elkaar levert het een bijzondere zondagmiddag op.

Intussen wordt het tijd om onze tocht weer voort te zetten. Eerst moeten we natuurlijk uitklaren, en daarbij krijg je hier in het koninkrijk Tonga een prachtig papier mee



En zo gaan we op weg naar Levuka, op het eiland Ovalau in Fiji.



Het wordt een mooie vlotte overtocht, maar we merken dat we de walvissen-schrik nog wel een beetje in de benen hebben: van elk iets harder geluid schrikken we op. Daarbij komt dat er hier overal in zee riffen omhoogsteken, die je op je kaart pas ziet als je heel diep inzoomt, dus het is wel zaak om goed bij de les te zijn op dit traject (roze stippellijn).



Zo krijgen we dit keer minder nachtrust dan we gewend zijn.
Wij hebben besloten om naar Levuka te varen, de voormalige hoofdstad op het eiland Ovalau (bij de meest linkse paarse pijl op het kaartje). We komen daar drie dagen na ons vertrek van Tonga aan en we laten het anker vallen voor een zeer pittoresk aandoend stadje.



Hoewel er nogal wat verhalen rondgaan over moeizaam inklaren in Fiji, gaat het bij ons van een leien dakje, niet in de laatste plaats dankzij Joe.
Joe is de man van de douane, maar als de andere officials bezet zijn doet hij er net zo makkelijk de andere taken bij. In ons geval is dat immigratie en havenmeester. Joe is werkelijk de vriendelijkheid in eigen persoon, met al onze vragen kunnen we bij hem terecht, nergens stress en steeds vrolijk. We voelen ons door hem meteen al super welkom. Dat gevoel wordt alleen nog maar sterker als we aan wal gaan. Levuka is een klein stadje, vervuld van vergane koloniale glorie. Als we, eenmaal ingeklaard, aan wal gaan voor een eerste verkenning wordt dit beeld volledig bevestigd



















Het is hier gezellig en iedereen groet je op straat: "Bula" klinkt het overal, dat betekent "Hallo". Zodra je ergens even halt houdt komt er iemand naar je toe om een praatje aan te knopen. De nieuwsgierigheid van de mensen is hartverwarmend. En terwijl wij dan vertellen van onze reis en waar we vandaan komen en dat we al acht jaar rondreizen worden hun ogen steeds groter en komen er steeds meer vragen over ons leven. Het leuke is dat dit zonder enige vorm van afgunst is. En ook als wij dan vragen naar het leven hier, krijgen we hele openhartige antwoorden.

Contact leggen is hier dus reuze makkelijk en op straat voegt dit een extra dimensie aan onze verkenningen toe



Levuka is niet groot en heeft ernstige schade opgelopen aan de laatste cycloon



terwijl dit grotendeels aan zee gelegen stadje ook bij (in deze regio regelmatig voorkomende) tsunamis zeer kwetsbaar is.
Op straat zien we allerlei vrachtwagentjes met opschriften langsrijden. Vaak zitten ze vol met schoolkinderen die, als ze ons zien, beginnen te zwaaien en te roepen.



Deze vrachtwagentjes vormen het openbaar vervoer



en zij halen 's morgen vroeg de kinderen op (ook van naburige eilanden) om ze naar school te vervoeren en brengen hen 's middags weer naar huis en verzorgen verder het transport tussen de bergdorpen en de hoofdplaats van het eiland voor de werknemers die in de stad werken en iedereen die de voorzieningen in het hoofdplaatsje wil of moet bezoeken.

Naast de indrukwekkende koloniale kerk heeft Levuka een fris ogend gemeenthuis



een highschool,



met de prachtige naam "Lest we forget"



die ook nog eens als motto voert 'onderwijs voor duurzame ontwikkeling', diverse lagere scholen



een politiebureau



en een rechtbank



Dat de rechtspraak hier bedoeld is voor iedereen wordt duidelijk als we op straat het volgende gevelbord zien



van de commissie ten behoeve van het toegankelijker maken van de rechtspraak. Ook heeft dit stadje een hospitaaltje



waar gratis gezondheidszorg voor de bevolking, maar opmerkelijk genoeg ook voor bezoekers zoals wij wordt aangeboden. De overheidsinstellingen zijn op miniformaat uitgevoerd, maar ze zijn er wel, al zouden de gebouwen van het hospitaal wel een opknapbeurt kunnen gebruiken.
Het stadje Levuka telt circa 5000 inwoners, en is het centrum van een kleine eilandengroep voor de kust van de hoofdeilanden Vanua Levu en Viti Levu, de Lomaivitigroep.

Fiji is allerlei opzichten een wat ander land dan de landen die we hier in de Stille Zuidzee tot nu toe bezocht hebben. Het eiland is al sinds ongeveer 1200 v Chr. bewoond. De oorspronkelijke bewoners kwamen van de Solomoneilanden en Vanuatu. Zij noemden hun land 'Viti'. Toen kapitein Cook hier arriveerde en de mensen vroeg hoe het land heette verstond hij 'Fiji' en zo werd dat de naam waaronder het land in de rest van de wereld bekend is geworden.
Qua bevolkingssamenstelling is Fiji veel diverser dan we tot nu toe in Oceanië hebben meegemaakt. Een belangrijke reden daarvan is dat er hier veel suikerriet (en vroeger ook katoen) wordt verbouwd. De Engelsen, die het land in 1874 tot Kroonkolonie hadden verklaard (hadden ingenomen) streefden goede verhoudingen met de plaatselijke bevolking na, en daarom verboden ze mensenhandel (slavernij). Dat betekende echter dat er arbeidskrachten van elders moesten komen. Als arbeiders zijn er daarom tussen 1878 en 1916 ruim 60.000 contractarbeiders uit India naar Fiji gebracht. Hoewel deze mensen voor 5-jarencontracten kwamen, zijn er velen van hen niet meer teruggekeerd naar India, met als gevolg dat Indiers een belangijk deel van de bevolking uitmaken, hun taal (Hindu-Fiji) een van de erkende talen op de eilanden is (naast Fiji en Engels) en dat zij het Hindoeisme en de Islam naar de Stille Oceaan hebben gebracht. Je ziet hier dan ook naast christelijke kerken (van allerlei denominaties) moskeeen



en hindutempels



Op de markt, waar we voor het eerst sinds lange tijd weer een enorme sortering aan groente, fruit en kruiden tegenkomen



merk je ook duidelijk de Indiase invloed, terwijl je op straat overal Indiase restaurants ziet.
In 1970 werd Fiji onafhankelijk van Engeland en sindsdien kende het land regelmatig staatsgrepen en was er sprake van gespannen politieke verhoudingen. Fiji is geen rijk land, maar vergeleken met de omringende eiland-landen doet Fiji het economisch goed. Nog steeds wordt er op grote schaal suikerriet verbouwd, er wordt hout gekapt (en ook vindt er inmiddels herbeplanting plaats) en er worden goud, koper en olie gewonnen. Toerisme vormt eveneens een belangrijke bron van inkomsten. En hoe beperkt de openbare middelen ook mogen zijn, er is in Fiji gratis en verplicht onderwijs tot 18 jaar (en ouders wier kinderen niet naar school gaan kunnen daarvoor gevangenisstraf krijgen) en er is gratis basisgezondhiedszorg voor iedereen. De gezondheidszorg hebben wij zelf ervaren. En dat is onthutsend eenvoudig georganiseerd: je hoeft geen afspraak te maken maar je gaat naar het ziekenhuis, waar 's morgens vroeg een stapel nummertjes ligt. Je pakt een nummer en gaat zitten wachten. Het aantal nummers is zodanig gewogen dat ze allemaal nog diezelfde dag geholpen kunnen worden. Sommige materiaalkosten moet je wel zelf betalen (bijvoorbeeld voor een vulling in je kies). De kosten worden je vantevoren verteld.

Na enkele dagen voor de rede van Levuka geankerd te hebben neemt de wind toe en dat betekent dat de ankerplek wel erg wild wordt. Tijd om verder te trekken. We moeten eerst nog een binnenlandse cruising permit bij Joe ophalen. Het wordt een roerend afscheid: hij gaat zelf naar de trouwerij van een neef, dat wordt zoals hier gebruikelijk is een feest met zo'n 600 feestgangers, vertelt hij. Joe is vandaag van alle opwinding zijn bril vergeten en kan het juiste formulier daardoor niet goed op zijn computer vinden. Dat kunnen we morgenvroeg bij zijn collega ophalen. Vol emotie zeggen we elkaar gedag.
De volgende morgen krijgen we het papier en varen wij via enkele kleinere eilanden en tientallen riffen, naar het noordelijke grote eiland, Vanua Levu. Wij gaan niet naar Savu Savu, waar de meeste zeilers heengaan, maar naar Nambouwalu. Dit is een grote baai met een havenpier, waar als we aankomen een groot houtschip ligt te laden



Dat ziet er interessant uit! En er komt hier ook dagelijks een grote veerboot



We gaan dus als er weer een veerboot aankomt de volgende morgen een kijkje nemen: het is een drukte van belang, er gaan zelfs hele bussen mee.



We leggen als de veerboot weer vertrokken is, contact met een van de houttruckchauffeurs die ons meeneemt naar het houtsdistributiecentrum in de buurt. Hij vertelt dat hout een belangrijk exportproduct van Fiji is, zowel in de vorm van massief hout, als in de vorm van houtsnippers. Als wederdienst nemen we hem, in de tijd dat hij moet wachten voordat zijn truck op de vrachtboot kan worden uitgeladen, mee naar de boot: het is een groot succes, nog nooit is hij op een zeilboot geweest, laat staan in een bijboot. Overal neemt hij foto's om thuis aan zijn familie te laten zien.
Afgezien van het houttransport en de veerboot is hier verder niet veel te beleven, dus we gaan weer verder, naar het eilandje Nananu I-ra, voor de kust van het zuidelijke grote eiland, Viti Levu. Hier moet een kiteschool zijn, dus daar gaan we naar op zoek. Al gauw vinden we Safari Lodge, en de Australische eigenaar Warren die precies laat zien waar ze gaan kiten als er wind is



Dat ziet er goed uit, dus als er de volgende dag goede wind wordt verwacht ankeren we voor het strandje en Frits is al snel weer helemaal in zijn element, samen met de uitermate aardige Warren



Als enkele dagen later de wind weer uitvalt hebben we gezien dat we hier de boot droog kunnen zetten. Het tijverschil van ruim een meter moet precies genoeg zijn. Dus manoevreren we bij het eerste licht met afgaand tij Bella Ciao het strandje op







Dat lukt prima en dan is het wachten tot het water laag genoeg is om onze klussen te gaan doen



Zodra de boegen droogvallen, komt de (tijdens de aanvaring met de walvis) beschadigde stuurboordboeg eerst aan bod: daar zat immers in de kreukelzone een schade, die nu mooi even gerepareerd kan worden











Daarna worden de zinkanodes van de saildrives vervangen en de schroeven schoongemaakt en opgepoetst















We staan nu mooi droog



en nu kan de coppercoat over het hele onderwaterschip worden opgeschuurd, zodat het koper weer open gaat staan en zijn aangroeiwerende werk weer kan gaan doen







Natuurlijk bekijken we nu ook nog even hoe het gerepareerde zwaard er aan de onderkant uitziet



En dan is het tijd om de prachtige omgeving van het drooggevallen strand op ons in te laten werken,



terwijl we wachten tot het water terugkeert en we ruimschoots voor het donker weer naar de ankerplek kunnen varen.
[jan 2018]

[feb 2018]

[mei 2018]

[juni 2018]

[juli 2018]

[aug 2018]

[nov 2018]

[dec 2018]

[2017]

[2016]

[2015]

[2014]

[2013]

[2012]

[2010/11]

120 m² zeiloppervlak
120 m² lichtweerzeil
In blauw zijn de 4 gastenhutten (1x tweepersoons en 2x eenpersoons) gemarkeerd
Overal aan boord genieten